Categorie archief: Nederlandse berichten

Deze foto zat in dezelfde map als het gedicht

De Grens

Soms de warmte van zijn mond nog versDeze foto zat in dezelfde map als het gedicht

op mijn net gekuste lippen.

Of masseerde hij mijn borsten

Bij mijn onbeschermde hart.

 

Als plots de alcohol in zijn adem

Me stokte

De geur van wiet me zacht ontwaakte

Uit mijn roes van kortdurend geluk

 

“Nee,” bracht ik uit. “Als je nuchter bent, misschien”

Je kilheid, risico’s

De leugens van veelwijverij

ik had ze je allemaal vergeven

Maar hier ligt echt de grens bij mij.

 

Ik heb er nooit één terug gezien.

 

nawoord: 19 april 2014
Woelend in een oud archief vond ik dit gedicht.
Ik weet niet wie het geschreven heeft.
Gezien de strekking, misschien ikzelf wel.

 

Mano Bouzamour zat naast een groep vrouwen die de noodzaak van een lustpil  moesten bespreken. Surrealistisch.

Hollandse Pot: de 16 mooiste mannen van de Lage Landen

Manuel Broekman en Geza Weisz mixen goed. Eerstvolgende Klassenfeest 21 februari '14 Amsterdam.

Wat je ver haalt is lekker.
We rekenen op de kracht van de Italiaanse keuken, en de elegantie van de Franse, voor een diner dat de smaakpapillen bespeelt, de lust opwekt, genotsvolle kreuntjes ontlokt en bevredigt zonder ons met het holle-bolle-Gijs gevoel van de stamppot zuurkool met rookworst op te zadelen.
We houden het graag beschaafd.
En lekker.
Maar vooral beschaafd.
Graziano Pelle. Maar dan op een toastje.
Een bruschetta met knoflookolie, pomodori, vers basilicumblad en buffelmozzarella.
Zulke mannen dus.

Als bijdrage aan de Mooie Hollandse Mannen discussie die de afgelopen 48 uur op internet woedt, heb ik een menukaart opgesteld van beschaafde, lekkere mannen, met hier en daar een exotisch tintje.

Mocht je smaak er niet bijstaan, dan kun je ook vragen om Dennis Storm, Egbert-Jan Weeber, Daan Schuurmans, Michiel Huisman en Frederik Brom.

Dave Roelvink is te boeken via Ulla Models (where else?)

 

Amuse van t huis:
prikkelt de smaakpapillen
Dave Roelvink

 

 

 

 

Maarten Heijmans in Ramses, v.a. zaterdag 11 januari '14 NL 2

 

Voorgerechten:
ook verkrijgbaar als hoofdgerecht

Manuel Broekman
Geza Weisz
Maarten Heijmans


 

Mano Bouzamour zat naast een groep vrouwen die de noodzaak van een lustpil moesten bespreken. Surrealistisch.

Johan Fretz tourt met De Gebroeders Fretz o.a. 5 April Kleine Komedie Amsterdam.

 

Hoofdgerechten:
veelzijdig, uitgesproken en vullend

Rutger Hauer
Hans Teeuwen
Johan Fretz
Mano Bouzamour

 

 

 

Jesse en Kay van band Valerius. De Cosmopolitan redacteur die dit heeft geregeld verdient een Giga Kerst Bonus.

 

 

Nagerechten:
onweerstaanbaar

Jesse Nambiar
Umberto Tan

 

Aan tafel!

 

 

 

Dit artikel is geschreven voor de website Aicha Qandisha.
onderschrift:
@LSHarteveld schrijft onbeschaafd veel over mooie mannen op www.lsharteveld.nl

het celibaat

Pandajaar

 



“Wat een rare soep heb jij,” inspecteer ik de kom die naast mijn puntzak frieten staat.
Louka kijkt verlekkerd naar de dikke brei met halve erwten. “Fantastisch he? Niet die gladde troep.”
Al maanden nemen we elkaar mee naar onze favoriete hang-outs. Louka weet inmiddels waar ze de beste bitterballen serveren, en ik waar alle afgestudeerden flirten. Louka is verliefd geworden op de kater van mijn koffiebar, en ik op het fotomodel van zijn koffiehuisje. Een pandajaar is een jaar waarin je geen seks hebt, en Louka is mijn panda vriend. Totdat ik mij, zo waarschuwde Louka “weer ieder weekend door negers laat nemen”.
“Wanneer loopt je panda jaar af?” informeert Louka.
“Negen maart. Ik ben er ook wel aan toe moet ik zeggen.”
“Je hebt inmiddels ook je doel bereikt.”

Valentino vergeten. Done. Benjamin vergeten. Check. En sinds Louka mij erop heeft gewezen dat ik vriendelijke begripvolle mannen, nog niet half zo geil zou vinden, is ook Het Raadsel opgelost waarom de meest vluchtgevaarlijke, bindingsangstige exemplaren in mijn bed terecht zijn gekomen. Of waarom het met de lieverdjes niet werkte.
“Ik heb trouwens nog een reden bedacht waarom ik geen relaties meer heb: Marieke.”

Marieke, mijn grote sterke BFF, een jonge vrouw met een baan in de wetenschap, die ik echter vooral roem om haar stevige armpjes waar ik graag mee knuffel. Ik verzorg haar als ze bij mij slaapt, en zij houdt van mijn katers als “mama een weekend weg is”. We hebben een eigen wereld, een eigen taal, en mijn familie noemt ons bij onze fantasienamen.
“Ik hou onvoorwaardelijk van haar. Van Marieke en van de katten.”
“Je hartje zit vol.”
“Precies. Alleen zuidelijker, daar is wel ruimte.”

Louka krijgt een berichtje. Een meisje wil haar Grieks op hem oefenen.
“Bofferd. Schrijf haar maar terug dat die behoefte geheel wederzijds is.”

We rekenen af en hij bekijkt mijn boodschappenlijstje.
“Hoeslaken? Ik moet nog een nieuw dekbed. En uit interesse – waar koop je zo’n blocnote?”
Het is een roze papiertje met een print van poëzieplaatjes.
“Al het beddengoed is in de aanbieding. Zullen we samen naar de Hema gaan?”
De natte sneeuw snijdt in ons gezicht, maar we weigeren voor die honderd meter een muts op te zetten.

Na een paar minuten Hema staat Louka weer naast me, vier-seizoenen dekbed onder de arm. Ik bestudeer lege vakken.
“Roze….” tik ik de pakketten af. “Alleen eenpersoons. Rood. Alleen eenpersoons. En deze set hebben ze sowieso alleen voor kinderen.”
“Dat is toch veels te lief voor jou,” reikt hij mij een blauw hoeslaken aan in de goede maat.
“Ik hou van lief,” verzucht ik. “Maar in maart ga ik mij gedragen als de hoer van Babylon. Iedereen denkt ‘t toch al.”
“Precies. Own the part.

“Zijn we onze date toch nog tussen de lakens geëindigd,” concludeert Louka op de roltrap.
“We doen wie het ‘t eerste vies heeft!” roep ik iets te enthousiast. De tegenliggers kijken verstoord naar mij. “Als ik win, is het wel ‘t einde van de vriendschap. Echt jammer.”
“Ik heb gezegd negers. Meervoud. En ‘t moet wel for real zijn. Ik wil geen verhalen over iets dat de eerste de beste Griek ook nog wel klaar zou spelen.”

Buiten piept zijn telefoon. Het meisje vond het een leuk grapje.

 

 

 

2013 ligt nog helemaal open

De Junta

Eerder blog in deze serie: de reunie

Famke vindt me bij de kalenders.
“Deze is wel leuk niet?” wapper ik met een Loesje week kalender, “Ik hou altijd alles bij, met jongens enzo.”
“Loesje? Dat is hyper aseksueel.” Famke trekt een onsmakelijk gezicht.
“Ik wil eigenlijk weer een Pluk kalender,” beken ik. “Pluk van de Petteflet. Zeker nog erger.”
“Pluk is in elk geval een jongetje.”
Onderweg van het station naar ons café geeft ze toe dat het ook wel iets voor haar is, een jongenskalender.
“Ik bedacht gisteren nog dat er maar één man was in 2012. Maar toen bleek dat ik allemaal kansloze kerels was vergeten. Dat zou mij met zo’n kalender niet overkomen. Weet jij trouwens hoe die jongen heette?”
“Je 22 jarige? Hoe zou ik dat moeten weten. Heb je hem niet meer gesproken?”
“Als ik de naam niet weet? Hoe sms je dan? Hoi. Komma.”

Geheel in lijn met mijn nieuwe dieet, waar ik mij sinds 1 januari met religieus fanatisme op heb gestort, gun ik mijzelf 1 wijn.
“Dieet?” informeert Famke, als de ober mijn tosti brengt. De kaas druipt tussen de boterhammen uit.
“Alles waar geen 13 oliebollen inpassen is voor mij een dieet.”
“Oh. Ik rook gewoon nog steeds.”

In onze studietijd walmden we ons studentenhuis blauw. Ik stopte halverwege mijn twenties, maar Famke liet de sigaretten alleen staan in de jaren van haar aan-uit-knipperlicht-wat-een-lul – laat ik hem David noemen. In plaats van David een laatste klap in zijn gezicht te gegeven, stak ze weer een sigaret op.
“Ik kwam David laatst tegen en reageerde net zo dramatisch als jij met Valentino. Ik vroeg bijna Met hoeveel vrouwen op dit feest ben je naar bed geweest? Bijna. Met hoeveel ontglipte al.”

“Valentino is finito. Net als Benjamin. Ik ben over ze heen, sinds – ”
Laat ik hem Rafael noemen.
Sinds oktober ben ik verliefd op Rafael van tv, die mijn emotionele huishouding flink heeft opschoond.
“Met wortel en tak uitgeroeid echt. Ik heb geen gevoelens meer voor Ben en Faalentino.”

Famke, die elk seizoen en elke feestdag wel een herinnering aan David koestert, overweegt ook op therapeutische basis verliefd te worden op Rafael.
“Hij schrijft toch? Dat doet het altijd wel goed bij mij. En het is een knappe man. Zo’n beroemdheid is ook lekker onbereikbaar.”
“Precies. En Rafael heeft bovendien een vriendin.”
“Wat? Verdomme, daar begin ik niet aan hoor. Heeft hij geen broer?”
“Nee. Wel een vriend. Die heeft het met half Amsterdam gedaan.”
Famke Googlet – laat ik hem Bas noemen – en klakt goedkeurend met haar tong.
“Zou Bas op ouder vallen?”
Ik verzeker haar dat Bas ongetwijfeld een zeer brede smaak heeft.

“Ik heb laatst ook iets gehad met een barkeeper, Sasha,” voer ik het aantal name dropping incidents nog verder op. “Hemel op aarde, net als Jonathan en Nathan. En niks meer van gehoord. ”
“Ook een cheater dus….” concludeert Famke.
Om Jonathan heb ik tot twee keer toe jaren getreurd, en voor Nathan heb ik mij door een existentiële crisis gesleept, waar iedere vrouw boven de 15 zich kapot voor zou schamen.
“En geen traan om Sasha gelaten,” poch ik. “Knap hè?”
Famke knikt en veegt mijmerend over haar tablet.
“Rafael is net Teflon, niets blijft meer plakken. Ik hoop dat Bas ook zo is.”

 

 

Handboek voor de liefdespanter

Wachten op Arie Boomsma

 

 

Ik ben heel voorspelbaar. Schotel mij een mooie donkere jongen voor, liefst met hese zachte stem, en ik rol spontaan op mijn rug met al mijn cougar pootjes kraaiend door de lucht. Dat kan Taylor Lautner zijn. Of Geza Weisz. Jesse Nambiar. Luke Pasqualino. Maar ik kan ook 15 mannen noemen die geen 21 zijn, en soms zelfs (de horror) blank, echter allemaal namen die jullie net zo min iets zouden zeggen. Nou vooruit – Brad Pitt, Lenny Kravitz en Denzel Washington.

Het Handboek voor de liefdespanter is niet bedoeld om mijn vrij voorspelbare reactie op het elite corps van het mannelijk ras te verklaren. “Tenzij je het uiterlijk hebt van Arie Boomsma…” begint zo’n alinea dan. Want wie het zo getroffen heeft, kan wel een potje breken bij de vrouwtjes. Een seksschandaaltje hier en daar. Een foei-lelijk karakter. Een drugsverslaving die als oorlogswond wordt geëtaleerd. Het wordt meneer allemaal vergeven. Nee, dit boek is “een succesgids voor de kansloze casanova” zoals de ondertitel aangeeft. De self-made man op het gebied van de liefde. En die blijk ik ook te kennen, want Jan Heemskerk, jaren de baas bij het grootste mannenblad van Nederland, heeft zich vanaf de logge, slecht geklede achterhoede opgewerkt tot de pussy magnets van de apenrots.

Me and Jan Heemskerk. Laten we daar even duidelijk over zijn, voor er verhalen komen. Het is een man waarvan ik mij altijd heb afgevraagd hoe het komt dat ik hem aantrekkelijk vind. Aangezien Jody Bernal er twee keer lang en breed inpast, valt Jan af als “mijn type”. En blank en blond en groene ogen…. Jan doet mij nog het meest denken aan mijn vriend Hagrid, een polygame zwartbaardige zeerover met een levende harem. Elke keer als ik bij ons afscheid mijn armen om Hagrid’s grote postuur sla en mijn wang tegen zijn navel vlei, drukt hij mij op het hart (of iets lager): “Je weet het! Je kan zo meer krijgen schat.”

Ook bij Jan zou ik dan verward doch beslist nee zuchten. Hoewel, iets minder beslist. Jan hoef ik immers alleen maar te delen met Mevrouw Heemskerk.

Aangezien Jan dus tot het selecte gezelschap van mannen behoort die mij zonder driedubbele salto van de hoge duikplank, zonder zwoel gezongen lied, en zonder modellencontract bij een Frans parfumhuis, het bed in zou kunnen krijgen, geef ik de man wel de nodige credits op het gebied van de Liefde. Jan knows stuff. Als wat Jan doet is aangeleerd, betekent dit dat alle mannen die ik niet aantrekkelijk vind Jan Heemskerk kunnen worden. Of dan op zijn minst Marcel Langedijk.

Het boek opent met de 1-staps aanpak tot seks in de oertijd (tikje op het hoofd met de knots, en doe je ding) en de belofte dat het boek uitlegt hoe je vandaag de dag bewapend met pen, pollepel of gitaar, geweldloos aan je trekken komt. De indeling is in de vorm van 11 liefdespanters, die 11 kwaliteiten vertegenwoordigen.

Nu is de verleiding groot, als de buik van Jan H. waar ik mij als God het wil ooit nog tegen aan zal vleien, de leukste, sprankelendste, nuttigste tips, hier te herhalen. Dat bewijst dat Handboek voor de liefdespanter, succesgids voor de kansloze casanova door Jan Heemskerk en Marcel Langendijk uitgegeven door Prometheus een boek is dat je je verwarde zelf (male or female), je langzaam uitzakkende partner of een 40 jarige maagd cadeau kan doen. Maar wellicht koop je het boek wel niet meer als ik de grootste aha-erlebnissen al deel.

Wil je als man weten waarom je geen succes hebt bij de vrouwtjes, of als vrouw waarom je dwars tegen al je voorkeuren heel makkelijk uit je broekje bent te krijgen (ja, ook jij ja!), en wil je er bovendien hardop om lachen? KOOP DAN DIT BOEK.

Zelf leef ik al maanden solitair, vermoedelijk ga ik voor de tweede keer een jaar volmaken sans seks. Misschien schrijf ik wel een boek deze winter: Handboek voor de liefdespanda. Voor alle wijfjes die net als ik op 1 keer per jaar uitkomen. Want als het 11 hoofdstuk tellende Handboek voor de liefdespanter mij iets heeft geleerd, dan is het dat mannen niet voor niets vaak mis schieten; vrouwen werken niet mee, want seksen interesseert ze niet. Wij houden niet van seks. Niet echt. Eigenlijk net als Arie Boomsma.

 

 

 

 

MAGIC Mike

Reünie

 

Dat ik nog wist in welke maand we elkaar hadden ontmoet.
Waarom zijn exotische schoonheid boven alle andere verheven was.
Dat ik de jaren kon tellen dat we elkaar nooit hadden gezien en de verliefdheid was gebleven.

Het duurde even voor ik mij realiseerde dat mijn minutenlange betoog, over dat je sommige mannen nou eenmaal nooit vergeet, misschien niet was wat een vrouw die net drie vrije dagen kapot had gehuild, wilde horen. Maar Famke stelde mij gerust.
“Ben ik tenminste niet de enige gekkin.”
Het was al meer dan een jaar uit, en er waren al andere mannen geweest. Sinds kort zelfs een 21 jarige die Famke (zelf opgegroeid met Maya de Bij) na een nacht in de kroeg door haar bed had gehaald. En nog was er die pijn. Dat schurende, kloppende knagen, dat de eerste dagen dat je vrij bent bijna prettig aanvoelt. Al is het maar van opluchting omdat je het nu niet meer hoeft weg te drukken om sociaal, productief, en normaal te zijn. Maar dat je daarna alsnog met een mokerslag je tegen de vlakte hamert. Voor iemand die net drie dagen coma huilen achter de rug had, zag ze er belachelijk stralend uit.
“Ik ben weer begonnen met roken,” verklaarde ze.
We trokken vanaf de blauwe borden van Hoog Catherijne, die al lang geen blauwe borden meer waren, het snikhete Utrecht in, op zoek naar verkoeling. Het opschrijfboekje in mijn tas, want ik ging haar leegwringen. Eindelijk kende ik iemand die het ook met een jonge man had gedaan. En daarnaast wil ik alles weten over vroeger, de tijd dat ik haar broertje Auke op een haar na had ontmaagd.

De reünie de dag ervoor was ook een enkele reis teletijdmachine naar de 90’s. Een oud studievriend bezocht mijn woningbouwhuisje, en deed zich tegoed aan de onkruidbak die op mijn leeftijd een Intratuintje hoorde te zijn, mijn snotverwende katjes, en de vierpitter met de sticker “1 maand garantie”. Zelf had hij een kookeiland met inductieplaat. In zijn stationwagon met kinderzitjes reden we richting de reunie. Het grootste deel van het brallerige terras had ik 15 jaar niet gezien. We constateerden dat we er met 40 allemaal nog erg strak, stralend en gelukkig uitzagen.
“Is Melle er niet?” vroeg ik terloops. Melle was een heerlijk jong geweest, net zo leuk als mijn eigen vriend indertijd. Mijn vriend ving kikkers, en Melle hielp de schapen met lammeren. Ze leken ook in andere opzichten op elkaar.
Maar Melle was er niet. En mijn inmiddels ex-vriend ook niet.
“Melle was drie jaar jonger,” trok een jaargenote een onsmakelijk gezicht.
Waarop de twee andere vrouwelijke jaargenoten opmerkten dat ze tegenwoordig door studenten en ander grut achterna werden gezeten. Of de heren die obsessie voor ouder nou ook hadden gehad, toen ze zo jong waren.
Het antwoord op de vraag ontging mij, want ik had ongelofelijke honger en de ober was mijn bitterballen vergeten.

Ledig Erf deed zijn naam eer aan, en Famke en ik kozen een tafel op de lege helft van het terras. De wijn was vrieskoud, en mijn bitterballen kwamen direct. Nog voor de tweede wijn hadden we tot in detail de bedprestaties van Famke’s scholier besproken.
“Ongelofelijk dat ze al zo goed kunnen neuken niet?” Ook roemde Famke zijn zorgzaamheid, en het geduld toen hij er achter kwam dat hij met “een wereldvreemd vrouwtje” van doen had. Dat was althans haar eigen conclusie toen ze hem had gevraagd of ze nu een kauwgar was.
“Waarom heb je dan geen contact meer met hem?” informeerde ik. “Je had de afgelopen week ook op je rug, tussen de chocola en de condooms kunnen doorbrengen.”
Famke beloofde me plechtig dat ze het alsnog zou overwegen, volgende vakantie week.
“Hij heeft wel al een relatie. Met een heel gemeen meisje.”

In de jaren 90 woonden Famke en ik hetzelfde studentenhuis. Mijn gelukkige relatie voorkwam helaas niet dat ik regelmatig andere mannen begeerde. Door deze verleidingen te delen met iedereen die het wilde horen, of niet wilde horen, voorkwam ik effectief dat ik vreemd ging of mij vergreep aan iemand’s maagdelijkheid. Geen Auke. Geen Melle. Sociale controle was mijn redding. Ik wilde immers niet het slettebakje van mijn studie noch de harlot van mijn huis worden. Liever was ik de Koningin van de Zelfbeheersing.

“Denk je achteraf dat ik wel of niet met Auke had kunnen doen?” vraag ik haar op de vrouw af. “Of was dat fucked up geweest?”
Famke haalt haar schouders op.
“Ach, hij date al vanaf zijn 20e in Groningen, omdat in Friesland de vrouwen op waren. Ik geloof niet dat er nou zo heel veel aan stuk kon.”
De nacht dat Auke met zijn vriend in de casa van zijn grote zus zou logeren, was ik bij mijn vriend gaan slapen. Ik wilde de cougar niet op het spek binden. De jongens hadden pizza gemaakt in de pan, omdat er niemand thuis was om uit te leggen hoe de oven werkte.
Famke suggereert dat ik Auke maar moet mailen, vragen hoe hij er tegenaan kijkt.
“Maar als over een week ineens zijn verkering kapot is, dan weet ik van niks hoor.”
Maar ik stel haar gerust dat ik nooit iets begin met mannen die al een vriendin hebben. Famke steekt een Marlboro op en schenkt me een gulle lach.
“Auke is toch veels te oud. Hij weet zelfs al hoe de oven werkt.”

 

 

Pessimist

Ik dacht eerst dat de Molukker bij hun coupé hoorde. Een blanke moeder erbij, een huwelijk in de Pinkstergemeente; ik zag de ouders van de grote lichtbruine jongen al helemaal voor me. De witte jongen met het petje was in elk geval niet zijn broer, noch goede vriend. Daarvoor was het gesprek te intensief. Mannen die elkaar kennen zwijgen, of praten over voetbal.
“Ik vond het niet verantwoord haar alleen te laten fietsen, maar toen stond ik dus wel om half twee midden in de polder en moest ik nog naar huis. Zoveel gefietst die dag.” De Nederlandse neus gaf zijn statige uiterlijk iets toegankelijks.
“Ben je niet blijven slapen?” de stem van de andere jongen was zachter, zo zacht mogelijk, alsof hij zich schaamde geluid te maken.
“Dat bood ze wel aan!” De verdwaalde deerne was dus niet helemaal op haar achterhoofd gevallen. “Maar ik was dat weekend bij mijn ouders. Dan zou ik ze zondag weer nauwelijks zien.”
De Molukse man vertrok, terwijl we midden in het vacuüm Amsterdam Utrecht zweefden, de caramel kleurige jongen schonk hem een brede lach. Hij had een beugel. De laatste ontboezeming dat hij nooit reed met ook maar een druppel alcohol, stapelde zich op de berg goede eigenschappen die ik in tien minuten had ontdekt.

Tussen het twitteren door kreeg ik een sms van mijn hartsvriendin en waakhond in drie jaar internetdaten. Dat was een korte date!  Soms vind ik nummers in haar adresboek van mannen die ik al vergeten ben. Het gesprek van de jongens, of in elk geval het heldere krachtige deel dat ik kon verstaan, ging inmiddels over het woord pessimist. De lach van de jongen was aanstekelijk.
“Jij hebt toch ook VWO gedaan vroeger?” vroeg hij. Petje bleek hardnekkig onwetend.

Maar ik lig dus niet verkracht door een geile Marokkaan langs de A2, smste ik terug. Een paar weken geleden had ik dankzij slechte timing, een overvolle agenda, en bovenmenselijke beheersing, een middernachtelijk rendez vous met een godsgruwelijk foute twintiger aan mij voorbij laten gaan.
“Pessimist is ECHT een normaal woord!’ riep de jongen vrolijk, en zelfs voor zijn doen hard. Ik stak mijn hand op: “Agree!” Ik knikte erbij, en kreeg dezelfde beugelglimlach als de Molukker.
“ Straks bemoeit de hele trein zich ermee!” straalde hij tegen petje, en keek verwachtingsvol rond of er meer mensen zijn mening deelden.

De rest van het gesprek was zachter. Ik twitterde, telde nog drie goede eigenschappen, en vier van de zeven schoonheden waarvan ik er twee zelf verzon. Ik registreerde minimaal één verlangende blik van de mooie grote jongen richting petje.

Mijn telefoon piepte weer. Het was mijn vriendin. Het kan niet elke dag feest zijn.